De kinderen gaan met plezier diverse toets- , snaar-, blaas-, en slagwerkinstrumenten uitproberen met bijpassende liedjes. Op ook andere instrumenten, die elke week in de les zijn (denk aan klokkenspel, xylofoon, kleine percussie instrumenten) leren ze kleine begeleidingen bij de liedjes, die op hun beurt weer bij de grotere instrumenten passen.
Eens in de 4 weken komt er een muzikant langs om zijn/ haar instrument te laten horen en zien, en daar mogen de kinderen dan ook op proberen te spelen.
Zingen en bewegen op muziek komen tijdens deze cursus tussendoor veel aan bod. De kinderen maken tevens een begin met noten lezen (ritmische notatie) en leren eigen muziekstukjes op instrumenten te componeren.
Ook dirigeren zal aan bod komen: zelf de regie voeren en luisteren naar elkaar! Zo leren ze al spelenderwijs muzikale vaardigheden zoals ritme en maat, melodie, toonhoogte, notatie, klankkleur, improvisatie, expressie.
Muzikale tegenstellingen komen al doende en in verhaal vorm aan bod: hoog- laag, lang – kort, zacht – hard, snel – langzaam, tutti – solo.
